Grondslag & Identiteit 2018-02-19T09:44:00+00:00

Grondslag & Identiteit

Op 1 mei 2004 is de Protestantse Kerk in Nederland een feit geworden. De kerkenraad van onze gemeente heeft zich ondanks het verval van de kerk niet van haar los kunnen maken en heeft op basis van het zgn. Convenant van Alblasserdam zijn plaats ingenomen binnen de kerk. Door ondertekening van het Convenant geeft de kerkenraad aan dat de binding aan de Heilige Schrift en de gereformeerde belijdenisgeschriften voor ons de enige deugdelijke basis is voor ons kerk zijn.

Daarom leest u in het beleidsplan van onze gemeente:
Voor de gemeente is Gods heilig en onfeilbaar Woord bron en norm en het is gezien het bovenstaande duidelijk dat wij als gemeente ons verbonden voelen met allen, die hun geloof(sleven) verwoord vinden in onze drie Gereformeerde Belijdenisgeschriften, te weten de Heidelberger Catechismus, de Nederlandse Geloofsbelijdenis en de Dordtse Leerregels. En dat wij zullen weren en bestrijden alles wat met deze belijdenisgeschriften in strijd is, ook in onze afvaardiging naar de hogere kerkelijke organen. Al betekent dat natuurlijk niet dat wij ons niet verbonden weten met tal van andere christenen op deze wereld die deze voor Nederland unieke belijdenisgeschriften niet kennen. Wij, als gemeente, geloven dat de zuiverheid van de leer die naar de godzaligheid is, door genoemde belijdenisgeschriften het dichtst wordt benaderd.

Het bovenstaande houdt onder meer in dat binnen het gemeenteleven een centrale plaats wordt toegekend aan een schriftuurlijke en appellerende prediking in de erediensten. Daarbij geldt de Bijbel als het onfeilbaar Woord van God, gezaghebbend voor leer en leven. De grondslag van onze gemeente kan onder geen beding worden gewijzigd door besluiten van meerdere ambtelijke vergaderingen van de kerk of de overheid.

Enkele concretiseringen van het bovenstaande:
1. Als kerkenraad en gemeente belijden wij, met Gods hulp acht te geven op en vast te houden aan de zuivere prediking van het Evangelie, de zuivere bediening van de sacramenten, het bestraffen van de zonden, ons in alle dingen te richten naar het onfeilbaar Woord van God, waarbij wij alles wat hiermee in strijd is, verwerpen. Als kerk, geboren uit de gereformeerde tak van de Reformatie, aanvaarden wij daarom niet zonder meer de Augsburgse Confessie, noch de Catechismus van Luther. Verder verwerpen wij de Konkordie van Leuenberg en de Barmer Thesen.
2. Als kerkenraad en gemeente belijden wij dat de Heilige Doop een instelling is van Jezus Christus om ons en onze kinderen Zijn verbond te verzegelen. Daarom behoren de kleine kinderen van de gemeente als erfgenamen van het Rijk Gods gedoopt te wezen.
3. Als kerkenraad en gemeente belijden wij dat het Heilig Avondmaal een instelling is van Jezus Christus, die Hij alleen heeft ingesteld voor Zijn gelovigen die in het midden van de gemeente belijdenis des geloofs hebben afgelegd. Wij vermanen alle ongelovigen en hen die zich met ergerlijke zonden besmet weten, zich van de tafel des Heeren te onthouden als zij zich niet bekeren. Met Gods hulp zullen wij tegenstaan en weren allen die de heilige sacramenten misbruiken of verachten.
4. Als kerkenraad en gemeente belijden wij dat tot ambtsdragers van de gemeente ‘zowel ouderlingen als diakenen’ door wettige verkiezing geroepen en bevestigd dienen te worden mannenbroeders, belijdende leden van de kerk en vervuld met de Heilige Geest.
5. Als kerkenraad en gemeente belijden wij dat het huwelijk tussen man en vrouw een instelling van God is en als zodanig heilig gehouden dient te worden. Alternatieve samenlevingsvormen zijn on-Bijbels en daarom censurabel. Daarom zal de kerkenraad op Bijbelse wijze tucht oefenen over hen die deze instelling van God ontkrachten.
6. Als kerkenraad en gemeente spreken wij uit dat zodanige mannen als kandidaat tot de heilige dienst toegelaten en bevestigd dienen te worden,die, staande op de hierboven vermelde en verantwoorde grondslag, de kerk wensen te dienen met het Evangelie van Jezus Christus.

Kerkenraad en gemeente geven hiermee aan waarop zij de synode aanspreken en waarop zij door haar aangesproken willen en mogen worden.

Het is ons verlangen dat geheel de kerk waarlijk belijdende kerk is, levend overeenkomstig Gods Woord en getuigenis, zodat aan haar geestelijk karakter geen afbreuk wordt gedaan door verwereldlijking. Staande op deze grondslag wensen wij in de kerk die God in ons vaderland geplant heeft, ons Nederlandse volk te dienen met het heilig Evangelie der genade Gods. Het is onze roeping de gehele kerk hierop aan te spreken en terug te roepen tot de HEERE en de kerk te reformeren overeenkomstig Zijn wil.